Banner901x228pxls12NB01.jpg http://www.vluchteling.org/templates/mercury.asp?page_id=1832
Steun ons!
Aanmelden nieuwsbrief

 

Nationale postcode loterij CBF ANBI
« Terug

24-09-2009

Dagboek donderdag 24 september

Dagboek donderdag 24 september

Tineke Ceelen doet tijdens haar reis door de Centraal Afrikaanse Republiek verslag in haar dagboek.

 


 

Bangui, donderdag 24 september
We zijn net aangekomen op de luchthaven van Bangui, de hoofdstad van de Centraal Afrikaanse Republiek. De kleine aankomsthal is een onoverzichtelijke chaos, net als de procedures. Eerst moeten we naar de douanier en dan, dwars door de rij wachtenden heen, terug naar een mevrouw die paspoort en entreeformulier nauwgezet bekijkt. Als zij na enig aarzelen een handtekening zet moeten we voor de derde keer door de rij terug, langs de douane, naar onze koffers.

Buiten wacht onze chauffeur met een brief van onze collega’s: ‘welkom in Bangui, u wordt naar het vijfsterren JMR hotel gebracht.’ Direct erachter volgt: ‘CAR standards.’

De kamers, en ook de rest van het hotelcomplex, zien eruit als die in één van de vele missieposten waar ik in de loop van de jaren verbleef. Sober en zeer basaal maar schoon en functioneel. Van de geringste overdaad is geen sprake.

De Centraal Afrikaanse Republiek ligt, zoals de naam van het land al zegt, midden in Afrika. Ingeklemd tussen landen met grote problemen als Soedan, Tsjaad, DR Congo en Oeganda. En ook de CAR is alles behalve een probleemloos land. Op één na het armste land ter wereld. Alleen Sierra Leone is er nog slechter aan toe. Bandieten, rebellenbewegingen en ook het eigen nationale leger maken een groot deel van het land onveilig. Een kwart van de bevolking van circa 4 miljoen mensen is slachtoffer van het geweld. Het grootste probleem echter, is de bittere armoede.

Wegen zijn er nauwelijks, benzinepompen welgeteld 7 in het hele land buiten Bangui, dat groter is dan Frankrijk. Elektriciteit en stromend water is er buiten Bangui nergens, en in Bangui alleen af en toe. Voor de invoer van goederen is de CAR volledig afhankelijk van buurland Kameroen, waar alles vandaan komt over hele slechte onverharde wegen. Als de aanvoer vanuit Kameroen stokt, zit de Centraal Afrikaanse Republiek zonder de producten die vanuit het buitenland moeten komen. En dat is op voedsel na, vrijwel alles. De prijzen in CAR zijn dan ook torenhoog, veel hoger dan in alle omringende landen. Het prijsniveau in Bangui is nagenoeg gelijk aan dat in Geneve, verduidelijkt een VN medewerker. De bevolking heeft nauwelijks toegang tot schoon drinkwater, of gezondheidszorg. Bijna 40% van de kinderen is chronisch ondervoed, en de gemiddelde levensverwachting stokt bij 43 jaar.  80% van de bevolking is werkloos, in Bangui wel te verstaan. Buiten de hoofdstad heeft 90% van de mensen geen werk.

Je zou verwachten dat in zo’n land de hulporganisaties massaal aanwezig zijn. Maar dat is dus niet zo. In 2006 waren drie organisaties in het land actief, nu, anno 2009 zijn er dat 35. Een opmerkelijke groei maar de hulp die deze organisaties kunnen geven staat nog altijd in geen enkele verhouding tot de noden. En door gebrek aan geld, dreigen sommige organisaties hun deuren ook nog eens te moeten sluiten.

Foto: Sven Torfinn (zie fotoverslag)

» Naar het dossier

« Terug