26-06-2010
100.000den Oezbeekse vluchtelingen hebben niets om naar terug te keren.
"Hele Oezbeekse woonwijken zijn, in het geweld dat op 10 juni jl. losbarstte, tot de grond toe afgebrand. Op tal van deuren en muren hebben Oezbeken met grote letters SOS gekalkt, hun Kirgizische buren hebben Kirgiz op hun huizen geschreven, in de hoop dat het geweld hen bespaard blijft. Een deel van de vluchtelingen die de grens overstak naar buurland Oezbekistan, keert terug. Maar ze hebben niets om naartoe terug te keren", zegt Tineke Ceelen, directeur van Stichting Vluchteling, vanuit de zuidelijke stad Osj. "Huizen, scholen, ziekenhuizen, winkels en restaurants zijn weg. De bewoners hebben geen huis meer, geen spullen, geen werk. Niets meer behalve angst, wanhoop en veel verdriet", aldus Ceelen.
Kirgiezen beschuldigen Oezbeken en Oezbeken beschuldigen Kirgiezen van het geweld. Er wordt gesproken over een 'derde partij' die het geweld veroorzaakt zou hebben. Mogelijke waarheden wisselen absurde beschuldigingen af: Osj gonst van de geruchten. Nieuw geweld zou ophanden zijn. Aanstaande zondag als bij referendum bepaald wordt of het parlement meer macht moet krijgen of juist niet, zou een tweede golf van geweld 'het karwei kunnen afmaken'. Kirgiezen en Oezbeken zijn eensgezind over hun voornaamste prioriteit: vrede en veiligheid, om hun leven weer op te bouwen.
"Natuurlijk is vrede en veiligheid belangrijk", zegt Tineke Ceelen, "maar tegelijkertijd zie ik hier dat velen geen dak meer boven hun hoofd hebben, voedsel een probleem is, ziekenhuizen platgebrand zijn en aan gezondheidszorg behoefte is. Ook zie ik ernstig getraumatiseerde slachtoffers die psychosociale zorg nodig hebben". Zoals de 80-jarige, Mamat, hij huilde hartverscheurend om het verlies van zijn woonhuis en vooral om al het geweld dat hij van zo dichtbij zag gebeuren."
Kirgizië was al voor dit conflict één van de armste oude Sovjetrepublieken. Stichting Vluchteling wil de vluchtelingen nu niet in de steek laten en stelt per onmiddellijk 100.000 euro uit haar noodhulpreserves ter beschikking voor de hulpverlening.