NvdV901x228pxls.jpg http://www.nachtvandevluchteling.nl
Steun ons!
Aanmelden nieuwsbrief
Blijf op de hoogte van al het Stichting Vluchteling-nieuws
Naam:

E-mail:


Nationale postcode loterij CBF ANBI
« Terug

29-09-2009

Dagboek dinsdag 29 september

Dagboek dinsdag 29 september

Tineke Ceelen doet tijdens haar reis door de Centraal Afrikaanse Republiek verslag in haar dagboek.

 


 

Bangui, Dinsdag 29 september
De volgende ochtend besluiten we terug te gaan naar Bamatara. We willen meer tijd om te praten met de mensen die nog altijd verstopt in de bossen wonen, in zelfgemaakte hutten van takken, stro en bladeren. We vertrekken vroeg, om de zware vochtige hitte voor te zijn. Christophe, het jongetje met de verbrande arm nemen we weer mee terug, met zijn armpje in het verband en gewapend met medicijnen om zijn herstel een handje te helpen.

Als we door het hoge gras de hutten naderen, ziet een geestelijk gehandicapt meisje ons komen. Ze lacht van oor tot oor, gilt en rent op ons af. Dansend en huppelend begeleidt ze ons. Voorin haar bladeren huisje rommelt ze met een vuurtje. Grote wolken rook komen naar buiten. Ik hou mijn hart vast, hier moet vroeger of later brand van komen.

Een man wijst ons de weg. We lopen van hut naar hut. Ik ben verbaasd, had niet in de gaten dat er zoveel mensen in de bossen wonen. Het zijn prehistorische taferelen die we hier zien. De mensen hebben letterlijk niets, op de paar spulletjes na die uitgedeeld zijn door hulporganisaties: de een heeft een muskietennet, de ander een paar emmers en een pan, en soms zie ik een slaapmatje. Een vrouw draait een plastic zak om: de kledingkast van de hele familie. Ik zie louter vodden. Haar echtgenoot vertelt dat dit de derde keer is dat ze aangevallen werden in Bamatara. Vorige keren werden ze beroofd van al hun bezittingen. Deze keer is het veel erger, nu zijn alle huizen verbrand en is ook al hun vee verdwenen. Hoop op een toekomst is er niet meer, over deze klap komt het dorp niet meer heen, zucht de man zichtbaar verdrietig.

We vragen een jongen wat hij zou doen als hij een beetje geld had. ‘Dan zou ik kleren kopen’, zegt hij zonder enige aarzeling, ‘om er netjes uit te zien’. Waardigheid. De belangrijkste droom van deze jongen is menselijke waardigheid. De reactie van de jonge man emotioneert ons.

Een ‘element’ van de rebellenbeweging ARPD, loopt de hele dag met ons mee. Ook Bamatara is vandaag de dag ARPD gebied. Met zijn zelfgemaakte geweer moet de man het dorp beschermen tegen nieuw onheil. Een vrouw is niet zo zeker van de bescherming door de ARPD en vraagt zich hardop af of niet juist hun aanwezigheid reden is voor de aanvallen door de Tsjaadse rebellen, de aartsvijanden van de ARPD.

Veel te laat vertrekken we uit Bamatara, we komen in het donker terecht. In de dorpjes die we passeren is natuurlijk geen elektriciteit. Vuurtjes voor de hutten van de mensen geven wat schamel licht. Heel af en toe zien we een olielamp. De armoede is alomvattend. De dag duurt zo lang als het daglicht.

» Naar het dossier

« Terug